Wegwerpmaskers, zelfgemaakte lapjes van allerlei vrolijk bedrukte stoffen en zelfs mondkapjes van oude sokken. Internet en social media staan er vol mee. Vanaf 1 juni 2020 is een niet-medisch mondkapje verplicht voor reizigers vanaf 13 jaar en OV-personeel. Maar wat zijn de regels voor deze mondkapjes? Is elke vorm van ‘bescherming’ oké? En welke risico’s kleven er aan het dragen van deze mondmaskers? Hoger veiligheidskundige Jos Putman geeft antwoord.

Van sok tot sjaal…de feiten over niet-medische mondkapjes in het ov

Wat zijn niet-medische mondkapjes precies?

‘We onderscheiden verschillende soorten en typen mond- neusmaskers. De eerste: beschermende maskers. Dit zijn persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) die de drager een bepaalde mate van bescherming bieden tegen deeltjes en kleine druppeltjes (aerosolen). De type maskers FFP2 en FFP3 beschermen de drager tegen het virus. Deze maskers kennen verschillende uitvoeringen zoals met- en zonder uitademventiel*1, hebben een CE-markering en moeten voldoen aan de EU-verordening 2016/425 en de EU-norm EN 149:2001+A1:2009. De tweede soort: medische maskers. Deze maskers beschermen niet de drager van het masker, maar de omgeving en zijn in de uitvoeringen type I, II en IIR.  Type II en IIR worden ook wel chirurgische maskers genoemd, waarbij type IIR getest is op druppeldoorlaatbaarheid. Ze hebben een CE-markering en moeten voldoen aan de EU-Richtlijn 93/42/EEG en de EU-norm EN 14683:2019. Maskers uit beide categorieën worden gebruikt in de gezondheidszorg. Dus als we praten over niet-medische mond- neuskapjes voor het OV, dan zijn dat kapjes die NIET in één van deze twee categorieën vallen en geen bescherming geven als PBM of medisch hulpmiddel. Deze maskers hebben dan ook geen CE-markering.’

Waarom mogen we alleen niet-medische maskers dragen in het OV?

‘De overheid wil voorkomen dat het gebruik van maskers in het OV ten koste gaat van de verkrijgbaarheid van maskers voor de gezondheidszorg. En dan gaat het niet alleen om de mondkapjes zelf, maar ook om de grondstoffen die voor die maskers gebruikt worden.’

De niet-medische mondkapjes mogen niet voldoen aan de normeringen en mogen geen CE-markering dragen. Dus elke andere vorm van adembescherming is toegestaan?

‘Nee, niet helemaal. De NEN heeft richtlijnen gepubliceerd – de NEN-spec – voor het ontwerp, maakproces, gebruik en onderhoud. Je mag dus best zelfgemaakte of industrieel in serie vervaardigde niet-medische mondkapjes dragen, als ze maar voldoen aan de richtlijnen over bijvoorbeeld de gebruikte stof, het ontwerp en de pasvorm. Een sok, sjaal of opgetrokken kraag is dus niet toegestaan. Daarnaast moeten de kapjes wel gewoon voldoen aan de algemene productveiligheidsrichtlijn. Er mogen bijvoorbeeld geen biociden in het doek-materiaal zitten en het gebruik mag geen gezondheidsrisico veroorzaken. Die bedrukte mondkapjes zijn leuk, maar bekijk goed of die bedrukking niet voor meer ademweerstand zorgt of voor irritaties wanneer je een beetje zweet. Mijn advies is dan ook: koop ook dit soort mondkapjes gewoon bij een betrouwbare leverancier die vanuit compliance al een beoordeling gemaakt heeft.’   

Dus als je een niet-medisch mondkapje draagt dat voldoet aan de NEN-spec, ben je voldoende beschermd?

‘Laat ik duidelijk zijn: een niet-medisch mondkapje is gewoon een stukje textiel. Het biedt absoluut niet de bescherming van een PBM! De maskers die volgens de NEN-specs gemaakt worden, vormen wel iets van een barrière, maar alleen van binnen naar buiten. Het beste zelfgemaakte masker zit nog steeds qua beschermingsniveau op ongeveer 40% van het simpelste medische masker. Ik hoop dan ook dat we bij voldoende voorraad snel kunnen overstappen op bijvoorbeeld de laagste norm medische maskers. Nu dreigt namelijk het risico van schijnveiligheid en de kwaliteit van de zelfgemaakte maskers is niet te controleren. Mensen gaan dichter op elkaar zitten en zijn minder scherp bij klachten. Terwijl natuurlijk nog steeds geldt: houd ook in het OV zoveel mogelijk 1,5 meter afstand. En ben je ziek? Blijf dan thuis! Een voordeel is wel dat bij het dragen van een niet-medisch mond- neus masker mensen minder snel aan hun gezicht zitten.

Niet-medische mondkapjes bieden dus nauwelijks bescherming. Waarom schrijft het protocol dan voor dat ook OV-personeel ze moet dragen?

‘Dat is een goede vraag. Ik had dat ook graag anders gezien, maar heeft te maken met de krapte in de markt. Dit virus valt namelijk vanuit de Arbowet onder de regelgeving voor microbiologische agentia. Als een werknemer tijdens het werk risico loopt op besmetting, ben je als werkgever volgens de Arbowet gewoon verplicht maatregelen te nemen. Op basis van een goede risico-inventarisatie en evaluatie moet je zorgen voor adequate bescherming. Werknemers in het OV moeten dan ook eigenlijk professionele mondmaskers dragen die doelmatig en betrouwbaar zijn. Minimaal FFP2 en bij voorkeur FFP3. Gelukkig zie ik in de praktijk dat de belangrijkste OV-vervoerders zelf risico-inventarisaties doen en daarop passende en aanvullende maatregelen treffen. Dat wil ik werkgevers ook graag meegeven: laat je COVID-19-protocollen altijd checken door een Arbodeskundige op eventuele hiaten. Anders voorzie ik dat letselschadeadvocaten het de komende jaren erg druk gaan krijgen!’

Meer informatie?

Neem voor meer informatie of verzoek om de originele brief contact met uw vaste Intersafe contacpersoon of via dit contactformulier.


*1 Toelichting

Voor bescherming tegen COVID-19 dient bij voorkeur een masker gebruikt te worden (FFP3 of FFP2) zonder uitademventiel om bij het uitademen niet de omgeving te kunnen besmetten.

*1 Toelichting