De aanschaf en het beschikbaar stellen van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) door de werkgever vereist maatwerk. Het volstaat niet meer om zomaar werkhandschoenen te verstrekken aan werknemers. Dit volgt uit de uitspraak van het gerechtshof Den Bosch in de zogenaamde “handschoenenzaak”*1.

De aanschaf en het beschikbaar stellen van PBM’s vereist maatwerk

Toedracht
Tijdens het slopen van tegels en stucwerk in een woning is een werknemer gewond geraakt doordat een tegelrand of een tegelpunt bij het loshakken met een mechanische breekhamer door de handschoen heendrong of –sneed en de linker middelvinger van het slachtoffer raakte. Dit veroorzaakte een bloedende wond die door een collega met behulp van een pleister werd verzorgd, waarna de werkzaamheden werden hervat. Door wondinfectie ontstaat dystrofie dat uiteindelijk het hele lichaam van het slachtoffer aantast. De gevolgen voor het slachtoffer zijn uiteindelijk ernstige invaliditeit; hij wordt rolstoelafhankelijk, zijn totale zenuwstelsel is ontregeld en hij is volledig arbeidsongeschikt. Het slachtoffer stelt zijn werkgever (het sloopbedrijf) aansprakelijk voor de geleden en te lijden schade*2.

Het verweer
De slooponderneming wijst voor de rechter alle aansprakelijkheid van de hand. De beschikbaar gestelde werkhandschoenenwaren zouden juist specifieke bestemd zijn voor bouw- en sloopwerkzaamheden en bovendien voorzien van snijbestendigheid 2*3. Handschoenen met een nog hogere snij- en perforatiebestendigheid zouden vanwege verminderde grip alleen maar meer gevaar opleveren aldus het bedrijf. En die grip is juist nodig bij het werken met een mechanische breekhamer, net als beweegbaarheid. Het bedrijf vraagt zich dan ook af of er wel een handschoen bestaat die volledig beschermt tegen doorsnijding of perforatie door een scherpe tegelsplinter. Verder wijst het bedrijf erop dat handschoenen met snijbestendigheid 3 of hoger zo maar drie keer zo duur kunnen zijn. De aanschaf ervan zou jaarlijks duizenden euro’s extra kosten aldus de onderneming in haar verweer.

De uitspraak
In haar arrest komt het gerechtshof tot het oordeel dat het slopersbedrijf handschoenen ter beschikking had kunnen stellen (en dus ook had moeten stellen) die meer bescherming boden. De handschoen die de onderneming verstrekte scoorde 2 uit 5 op snijweerstand en 1 op 4 op penetratieweerstand. Op de markt waren ook handschoenen met een hoger beschermingsniveau en toch voldoende grip en vingergevoeligheid verkrijgbaar. De rechter vindt verder dat de werkgever onvoldoende heeft aangetoond dat zij de extra investering in, wellicht wat, duurdere handschoenen niet zou kunnen dragen. Dat het bedrijf niet had kunnen voorzien dat de snijwond dystrofie zou veroorzaken, is volgens het hof niet van belang. Het letsel is een gevolg van het ongeval en kan volgens de rechtbank dus aan de werkgever worden toegerekend.

Een uitspraak met verstrekkende gevolgen
Deze uitspraak van het gerechtshof Den Bosch in deze “handschoenenzaak” zou wel eens verstrekkende gevolgen kunnen hebben bij de aanschaf en beschikbaar stellen van PMS’s. Het gaat immers niet alleen om de juiste keuze van handschoenen, maar ook om alle andere soorten PBM’s die bescherming moeten bieden bij risicovolle situaties zoals adembescherming, beschermende kleding, gehoorbescherming, etc. Alleen bij verstrekking van de meest doelmatige en dus best beschermende PBM’s kan de werkgever voldoen aan zijn zorgplicht zoals bedoelt in het Burgerlijk wetboek (art. 7:658 BW). De keuze van PBM’s dient dan ook in eerste instantie plaats te vinden op basis van de risico- inventarisatie en –evaluatie of taak-risico-analyse om vervolgens op basis van de specificaties vanuit de normen en in overleg met alle betrokkenen de juiste type PBM te kiezen die voldoende beschermzekerheid kan garanderen bij de uitvoerende werkzaamheden.
Beperk uw risico, Intersafe helpt u graag.

 

*1 – Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, datum uitspraak 22-12-2015, zaaknummer HD 200.155.888_01, Hoger beroep, vindplaats: Rechtspraak.nl ECLI:NL:GHSHE:2015:5328
*2 – Rechtbank Zeeland-West Brabant, datum uitspraak 02-04-2014, zaaknummer 696492-CV-11-11200, vindplaats: Rechtspraak.nl, ECLI:NLRBZWB:2014:2163
*3 – Snijbestendigheid op basis van de norm EN 388:2003 Beschermende handschoenen tegen mechanische gevaren.